Het Sanhedrin

 

intern verdeeld en toch samen sterk                   

 
In het Nieuwe Testament lees je regelmatig over hogepriesters (ook wel genoemd: overpriesters), schriftgeleerden, Farizeeën en Sadduceeën. Dat zijn allemaal groeperingen binnen de Joodse godsdienst in Israël. We komen ze vooral tegen in de tijd van Jezus en van de eerste gemeente in Jeruzalem, oftewel in de boeken Mattheüs t/m Johannes en Handelingen.
Wat waren dat voor groeperingen?
In dit item krijg je antwoord op die vraag.
 

 
Bevoegdheden en samenstelling
 
Het Sanhedrin was in het begin van onze jaartelling het Joodse Hooggerechtshof met bepaalde politieke en godsdienstige bevoegdheden. De grenzen van hun macht en invloed werden bepaald door de Romeinen, die het voor het zeggen hadden in deze tijd. De poltieke macht was vooral gericht op het handhaven van binnenlandse rust en vrede en het voorkomen van verzet tegen de Romeinen. Op godsdienstig terrein had het Sanhedrin grote invloed, aangezien de Romeinen zich niet wilden bemoeien met Joodse religieuze kwesties.
Zolang het Sanhedrin niet handelde in strijd met de Romeinse overheerser, kreeg het college vrijheid om recht te spreken en vonnissen uit te voeren, behalve de doodstraf.
In het Sanhedrin zaten mannen uit drie maatschappelijke groeperingen: hogepriesters (of: overpriesters), oudsten en schriftgeleerden.

• Overpriesters: leden van families waaruit de hogepriester gekozen werd en oud-hogepriesters

• Oudsten: familiehoofden met leidinggevende functies

• Schriftgeleerden. Hun taak was:
          a. de bedoeling van de wet theoretisch uiteen zetten
          b. doorgeven aan volgende generaties van de inhoud van de wetten
          c. rechtspraak
 
Overpriesters en hogepriester
Een beetje verwarrend in de Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) is, dat de naam "hogepriesters" wordt gebruikt voor de groepering van rijke bestuurders die uit hun midden elk jaar een nieuwe hogepriester kozen. De hogepriester had een belangrijke taak in de tempel; hij mocht bepaalde offers brengen, die andere priesters niet mochten brengen. De vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) noemt ze "overpriesters" en reserveert de naam "hogepriester" voor deze specifieke functie.
Uit het Nieuwe Testament kennen we in ieder geval twee namen van hogepriesters: Kajafas en zijn schoonvader Annas. Zij speelden een belangrijke rol bij het proces van Jezus. Zie Johannes hfdst.11 vers 49 en hfdst.18 vers 12 t/m 24.
In Handelingen hfdst.23 vers 2 komen we de naam Ananias tegen. Onder zijn leiding werd Paulus gevangen genomen in Jeruzalem. 

 

Het Sanhedrin bestond uit 71 leden; de dienstdoende hogepriester was voorzitter van het gezelschap.
Er waren twee groepen schriftgeleerden: de Farizeeën en de Sadduceeën. Deze twee godsdienstige stromingen hadden nogal verschillende denkbeelden.

De Farizeeën streefden naar een stipte naleving van de geboden van God en de Joodse wetgeving. Deze stroming ontstond nadat de Joden teruggekeerd waren vanuit de Babylonische ballingschap (± 540 vóór Chr.)  Zij hebben ervoor gezorgd dat na de verwoesting van Jeruzalem in 70 na Chr.het orthodoxe Jodendom is blijven bestaan.

De Sadduceeën waren rijke lui, die veel land in bezit hadden. Uit hun kring werd de hogepriester gekozen, elk jaar een ander.
De Sadduceeën waren in godsdienstig opzicht conservatief. Ze geloofden in de vijf boeken van Mozes, maar wilden niets weten van latere aspecten van de Joodse leer, die we tegenkomen bij de profeten en bij de Farizeeën. Bij voorbeeld de onsterfelijkheid van de ziel, de opstanding van de doden op de dag van het oordeel, engelen en demonen. Daardoor stonden ze in geloofs-opzicht vaak lijnrecht tegenover de Farizeeën
Op politiek terrein hadden de Sadduceeën veel invloed. Zij vonden dat je best wel kon samenwerken met de Romeinde bezetter; dan kon je je invloed tenminste behouden. Blijkbaar waren ze bang hun rijkeluisleventje kwijt te raken. 
 

 

Samen sterk tegen Jezus en Zijn volgelingen

Hoewel de leden van het Sanhedrin onderling erg verschillende ideeën en geloofsvisies hadden, waren ze het over één ding in ieder geval eens: Jezus van Nazareth was een gevaarlijke godsdienstige leider, die een ernstige bedreiging vormde voor hun politieke en maatschappelijke positie.

Daarom hebben ze alles op alles gezet om Jezus uit de weg te ruimen. Vooral de Farizeeën waren hierin actief, omdat Jezus hun manier van geloven aan de kaak stelde. Zij kregen de hele Joodse Raad mee, wat resulteerde in een schijnproces tegen Jezus met als ultieme resultaat: Jezus' vreselihjke marteldood aan het kruis.

Daarmee leek hun plan geslaagd. Maar toen korte tijd later de apostelen, de volgelingen van Jezus, vol overtuiging, vervuld van de Heilige Geest, getuigden dat Jezus was opgestaan uit de dood en leefde, waren het vooral de Sadduceeën die in verzet kwamen. In de hoofdstukken 3 t/m 6 van het boek Handelingen worden drie felle confrontaties beschreven tussen de apostelen (onder leiding van Petrus) en het Sanhedrin. De Sadduceeën speelden hier een hoofdrol. Ook nu leek hun opzet te slagen, want uiteindelijk viel er een dode, slachtoffer van de woede van het Sanhedrin.

Maar gelukkig: Gods werk ging door, ook al vielen er slachtoffers. Het evangelie ging de wereld in en was niet te stuiten. En zo ging het verder en verder, tot op de dag van vandaag. En het zal blijven verder gaan, want "heel de wereld moet weten dat God niet veranderd is". Het werk van God is namelijk niet te keren, omdat Hij er over waakt.

 

Bijbelwoord voor vandaag